Wat is dat allemaal, buitenspelen?

Buitenspelen betekent nieuwe ervaringen opdoen. Er is ruimte om te rennen, te fietsen, te springen. Kinderen mogen er uitbundiger zijn en lawaai maken.

Naast ruimte om te spelen biedt de buitenruimte ook kans om zaken te ontdekken die je binnen niet ervaart. Wind, regen, sneeuw en zon maken de omstandigheden telkens anders. Plassen om in te springen, een sneeuwballengevecht of een waterballonnengevecht: elk seizoen biedt zoveel andere speelkansen.

Kinderen hebben ook nood aan natuur. In een steeds meer verstedelijkt landschap is het steeds belangrijker dat kinderen stukjes natuur kunnen exploreren. Kriebelbeestjes volgen, zand in modder zien veranderen en visjes vangen in de beek: kinderen genieten enorm om zo'n dingen te doen. Niks leuker dan lekker uitgewaaid terug binnen te komen, de modder van je knieën te vegen en tevreden te zuchten dat je zo 'goe gespeeld' hebt!

Ten slotte kunnen kinderen ook rust vinden in de natuur. Genieten van de zon op hun gezicht of de wind in hun haren.Tot rust komen in een verborgen kamp of in de boomhut. 

Buitenspelen is niet enkel samenspelen met anderen en de fantasie de vrije gang laten gaan, maar ook de omgeving ontdekken en inzetten in het spel. 

De laatste jaren is de ruimte om buiten te spelen behoorlijk ingeperkt. Omwille van het drukkere verkeer laten we kinderen niet zo snel meer alleen op straat spelen, naar school gaan, ….Ouders brengen en halen kinderen vaak van en naar school en buitenschoolse activiteiten.

Buitenspelen is ontdekken wat je binnen niet ervaart: in plassen springen, blaadjes in de wind, je schaduw op de straat. 

Toch mogen we ons als ouders niet al te sterk laten beïnvloeden door angstgevoelens en bezorgdheden omwille van de veiligheid. Een uitdagende omgeving nodigt kinderen uit om op onderzoek uit te gaan, dingen uit te proberen, te fantaseren en te veranderen. Absolute veiligheid is een utopie. Het is dus zoeken en aanvaardbare risico's nemen. Of met andere woorden: alle bulten en builen die met enkel het EHBO-kastje en een dikke papa- of mama-zoen weer verholpen zijn. 

Een vaste richtlijn hoeveel kinderen 'moeten' buiten spelen, bestaat niet. Elk kind is anders en ontwikkelt op zijn eigen tempo. Hun noden en behoeften verschillen, hun persoonlijke interesses en temperamenten zijn zeer gevarieerd. Daarom zal ook de mate waarin ze buitenspelen en de manieren waarop ze dat doen, erg verschillen.

Kinderen tussen 0 en 4 jaar

Heel jonge kinderen hebben bijna voortdurend toezicht nodig. Ze ontdekken nog heel veel met hun mond, dus let op met kleine voorwerpen. Echter, eens proeven van aarde of gras doen ze heus geen talloze keren dus grijp niet te snel in. Een eigen, veilig plekje biedt hen ook kansen om zintuiglijke indrukken op te doen en tot rust te komen. Wees extra waakzaam in de buurt van de zandbak en water. Toch is het voor hen ook fijn om spontaan tot beweging en ontdekking te kunnen komen. 

Kinderen tussen 4 en 6 jaar 

Kinderen van deze leeftijd worden geleidelijk aan zelfstandiger, maar zijn nog erg impulsief en hebben weinig besef van gevaar. Toezicht en begeleiding van een volwassene zijn dan ook noodzakelijk. In een omgeving die voor het kind veilig en vertrouwd is, kun je als ouder gerust vanop afstand een oogje in het zeil houden. Bijvoorbeeld met de fiets op de stoep tot aan de hoek fietsen. Maar nooit buiten zicht of hoorbereik (van jezelf of een andere ouder). Maak duidelijke afspraken: ‘Tot aan de hoek, niet verder.’ Speelpleinen met veel uitdaging en ontdekkingsmogelijkheden vinden ze fijner dan een speeltuin met enkel 'kant-en-klare' speeltuigen.

Kinderen tussen 6 en 9 jaar
Kinderen in deze leeftijdsgroep willen vooral hun motorische grenzen verleggen. Ze hebben duidelijke regels nodig over hoe ver en hoe lang ze zonder toezicht van huis mogen. Zelf boodschappen doen is een leuke overgang. Ze kunnen een rustige route, niet te ver weg en al eens samen met de ouders verkend, zelf afleggen. Ze spelen graag in de buurt van hun eigen huis. Enkele favorieten: actieve spelletjes zoals voetballen, fietsen, skaten en verstoppertje spelen.

Kinderen tussen 9 en 12 jaar
Op deze leeftijd willen kinderen zelfstandig de buurt intrekken. Het aspect 'ontmoeting' wordt steeds belangrijker. Kinderen zijn op zoek naar een ‘hangplek’ of willen verder de buurt in: een parkje, een crossveld en natuurlijk ook het voetbalveldje zijn favoriet. Hoe verder je kind van huis gaat, hoe belangrijker de afspraken: waar ga je naartoe, met wie en wanneer ben je terug, ga nooit met iemand mee Ook voor oudere kinderen is 'buiten zijn' deugddoend. Voetballen, skaten, rondjes fietsen met de vrienden zorgen ervoor dat jongeren hun energie kwijt kunnen. Velen vinden het trouwens fijn hun krachten te meten met leeftijdsgenoten!

maandag, februari 27, 2017 - 00:00

Ondersteuning in je buurt

Zoek je steun bij het opvoeden van kinderen? Je kan ook in je eigen buurt terecht. Zoek hieronder via postnummer.

Zoek