Mediaopvoeding: expert Bert Pieters aan het woord

mediaopvoeding

Groeimee.be ging in gesprek met Bert Pieters van MediaNest, de website over mediaopvoeding voor ouders. Bert vertelt hoe ouders en opvoeders kunnen omgaan met het zoeken naar een balans tussen het online en offline leven van hun kinderen. 

We hebben het in dit gesprek over mediaopvoeding. Een woord dat we vaak gebruiken, maar wat valt er allemaal onder? 

Bert Pieters: ‘Het gaat over in de eerste plaats over opvoeden, specifiek rond media en digitale toepassingen, en hoe je als ouder daar je weg in zoekt. Van je kind leren omgaan met een tablet tot je kind beschermen tegen cyberpesten en dergelijke. Ook andere media zoals de krant en TV vallen daaronder. Fake news staat nu vaak in de belangstelling: hoe leer je je kind of bepaalde informatie waar is of niet? 
We zien wel dat ouders vooral op zoek zijn naar hoe ze omgaan met digitale media in het leven van hun kinderen. Eigenlijk logisch want ouders kunnen niet terugvallen op hoe ze zelf zijn opgevoed op dat vlak, ze hebben het nooit geleerd. Ik ben zelf een jonge ouder en ook ik ben opgegroeid zonder alle nieuwe digitale toepassingen. Dit is de eerste generatie die echt een weg moet vinden in dit aspect van opvoeden.’

Vaak gaat het over de nadelen en risico’s van digitale media. Wat zijn de positieve aspecten aan opgroeien met digitale media?

Bert: ‘Veel ouders klagen inderdaad: "Mijn kind zit constant naar YouTube filmpjes te kijken, het lijkt wel een zombie." Ook in de media duiken vaak negatieve verhalen op, over cyberpesten of over een dark web waar allerlei louche dingen gebeuren. Terwijl digitale media zoveel andere mogelijkheden geven. Je vindt er massa's informatie. Nieuws ligt voor het rapen. We vinden de weg via apps. Het maakt ook veel communicatie makkelijker. En we kunnen onszelf beschermen op een aantal vlakken wat privacy betreft. Bij digitale media denken we vaak eerst aan entertainment, maar je kan ze ook gebruiken om je te informeren, te creëren en te communiceren.’ 

Opvoeden begint bij de geboorte. Is dat bij mediaopvoeding ook zo?

Bert: ‘Het is inderdaad goed om er vroeg over na te denken. Een 11-jarige die ineens regels en grenzen opgelegd krijgt rond gamen, kan daar moeilijk mee overweg als er voordien nog nooit over gepraat werd. Het is een groeiproces: met jonge kinderen kijk je mee en leg je uit wat jullie zien. Als je interesse toont in het online leven van je kind, en vragen stelt over de favoriete games, kan je makkelijker ook vragen stellen als ‘vind je zelf niet wat gewelddadig?’ 

Interesse tonen en in gesprek gaan met je kind, dat is de basis om afspraken te maken rond het online leven van je kind

Een vuistregel is dus dat het goed is om betrokken te zijn bij wat je kind doet online?

Bert: ‘Als je oprecht interesse toont, ga je misschien dingen leren: een vlogger die op het eerste zicht enkel gekke streken uithaalt, vertelt in andere video’s misschien over het feit dat hij het kind is van gescheiden ouders, waar je kind veel kan aan hebben. Ik snap wel dat ouders soms denken 'waar verdoet mijn kind zijn tijd aan online’, maar zeg dat niet in het gezicht van je kind. Want dat zijn de grote frustraties die ik hoor van jongeren: mijn ouders hebben geen respect voor mij en voor waar ik naar kijk. Zelf heb ik helemaal niks met voetbal. Maar als mijn kinderen wel willen voetballen, zal ik toch vaak aan de zijlijn staan om te supporteren. Online is dat hetzelfde.’ 

Ouders maken zich zorgen dat echte vriendschappen verdrongen worden door de contacten online.

Bert: ‘De tijd dat iedereen heel veel onbekende vrienden op social media had, is stilaan voorbij. Jongeren zeggen vaker, ik wil weten met wie ik bevriend ben. Ze zijn er zich van bewust dat ze hun online vriendschappen extra in de gaten moeten houden. Er zijn ook voordelen: oms vinden jongeren het moeilijk om iets in het echt te zeggen tegen de persoon tegenover hen, en dan kan een online vriend helpen.'

In Frankrijk zijn er strenge nieuwe aanbevelingen voor schermgebruik van kinderen onder de twee jaar. Die zeggen dat je onder de twee jaar best geen schermen aanbiedt. Is dat realistisch? Mag je de tablet gebruiken als babysit?

Bert: ‘Als je het eten op tijd op tafel wil krijgen, snap ik volledig dat je als makkelijke oplossing even naar de tablet grijpt. Voel je daar vooral niet schuldig over. Op voorwaarde dat je dat niet altijd doet en nadenkt over wanneer je het wel doet. Kinderen hebben baat bij een evenwichtig digitaal dieet: zijn ze actief genoeg, kunnen ze ontspannen en bewegen ze voldoende, kunnen ze genoeg bijleren? De aanbevelingen van pediaters tonen niet altijd zoveel wetenschappelijk bewijs van de nadelige effecten. Ze vertrekken wel vanuit het belang van een goede begeleiding van je jonge kind.'

Kinderen hebben ook grenzen nodig. Hoe bepaal je die?

Bert: 'Het hangt af van de leeftijd en het temperament van je kind. Bij jongere kinderen ben je vaak iets directiever. Ook bij kinderen die moeite hebben om zich aan afspraken te houden, kan je misschien iets strenger te zijn. Vertel wel altijd waarom je een bepaalde regel instelt. Misschien heeft je kind wel een goede reden om een bepaalde regel te herzien. Op MediaNest.be (het platform waar ouders terecht kunnen voor al hun vragen rond mediaopvoeding) vind je tools die ouders kunnen helpen om goede afspraken te maken.' 

Vertel altijd waarop je een bepaalde regel invoert, of waarom je afspraken belangrijk vindt

Welke tools zijn zo voorhanden?

Bert: ‘Er is bijvoorbeeld een handig overzicht met verschillende tekeningen: de auto, het huiswerk,… waarbij je met de kleuren groen, oranje en rood afspraken kan aangeven. Groen mag altijd, oranje moet je eerst vragen, rood is een no-go. Zelf zeggen kinderen dat ze vooral duidelijke regels willen. Je voorbeeldrol is ook erg belangrijk: hoe gedraag je jezelf? Geen smartphones aan tafel, dat geldt voor iedereen. Je kind snapt niet waarom papa altijd op Facebook zit. En terecht.’

Mensen, ook volwassenen, zijn zich niet bewust hoe vaak ze hun smartphone ter hand nemen.

Bert: ‘Een app die bijhoudt hoeveel tijd je spendeert op social media, kan wel een eyeopener en een gespreksstarter zijn. Meten is weten. Wacht sowieso niet te lang om het gesprek te beginnen. Als je wacht tot je vindt dat je kind veel te veel online is of voor jou zinloze dingen doet online, voel je vaak al te veel woede en frustratie om rustig te praten. Ook de pretchat van MediaNest kan een gespreksstarter zijn. Deze versie van waarheid, durven of doen is heel leerzaam om met je kinderen te spelen: leg me eens uit waarom die influencer zoveel volgers heeft, en waarom jij dit ook zou willen doen. 

Ik vat even samen: begin er op tijd mee, kijk en luister wat je kind te vertellen heeft en hoe je kind in elkaar zit, groei mee met je kind en maak afspraken in overleg. Nog tips?

Bert: ‘Gaat er iets mis, tracht dan niet te veel te beschuldigen. Laat eerst je kind uitleggen waarom hij iets gedaan heeft, ook al vind je het zelf vooral dom dat hij een bepaalde foto online heeft gezet bijvoorbeeld. Jouw beschuldigend vingertje kan je kind dan best missen.

Toestellen worden kleiner en mobieler. Hoe heeft dat invloed op het mediagebruik en hoe kan je daarop als ouder reageren?

Bert: ‘Vroeger stond de enige huiscomputer inderdaad vaak in de woonkamer. Door de mobiele toestellen valt die manier om een oogje in het zeil te houden, weg. Kinderen hebben ook recht op privacy. Ga niet stiekel kijken in hun geschiedenis of open geen persoonlijke berichten. Ik zie wel veel gezinnen waar het opbouwen van toegang tot sociale media in fasen gebeurt. Eerst samen een account aanmaken waar papa of mama nog meekijkt. En zo geleidelijk meer loslaten. Vertel ook aan je kind wat je bekijkt en waarom. Vergelijk het met je kind naar school laten fietsen: in het begin rij je samen en leg je uit waar je kind extra waakzaam moet zijn. Dan rij je een paar meter achter je kind mee, zodat je kan zien waar bijsturing nodig is. Tenslotte rijdt je kind alleen naar school. Merk je dat je kind een brokkenpiloot is? Dan is het goed om opnieuw te kijken hoe het veilig blijft.’

In stapjes je kind zelfstandig maken in de online omgeving, da's net hetzelfde als wat je doet in het echte leven

Wanneer moet je je zorgen maken over de balans tussen online en offline?

Bert: ‘Als je kind nog andere activiteiten doet, het schoolwerk op peil is, je kind nog aan tafel komt, dan is het mediagebruik van je kind meestal nog onder controle. Ben je zelf gefrustreerd door het aantal uren dat je kind online zit, spreek daar dan over met je kind en wacht niet tot je emoties je in de weg zitten om een goed gesprek te voeren; De smartphone is ook zo gemaakt dat hij ons constant eraan herinnert dat hij bestaat, ping, hallo ik heb een berichtje voor jou, kijk naar mij. Je kind kan soms ook ondersteuning zoeken in hoe hij die afstand met de digitale media kan controleren.’

Ondersteuning in je buurt

Zoek je steun bij het opvoeden? Het Huis van het Kind helpt je op weg.

Vind het Huis van het Kind in je buurt.

Stel je vraag

Een vraag over opvoeden?  De Opvoedingslijn geeft een antwoord op maat.

Stel je vraag via het contactformulier.