Ouderschap: interview met Wim

ouderschap interview beeld bijgesneden.jpg

Ouder zijn, dat is volgens Wim loslaten vanuit een heel stevig vasthouden. Een veilige haven creëren waar je kinderen altijd terecht kunnen. Dat lukt met vallen en opstaan. ‘Want uiteindelijk modderen we maar wat aan, met de beste bedoelingen’.
Groeimee.be in gesprek met deze papa van vier: twee zonen van 14 en 10, twee dochters van 12 en 9 jaar. Wim is alleenstaande papa en de kinderen verblijven week om week bij hem en bij hun mama. 

Kozen jullie bewust voor een groot gezin?

Wim: ‘Zelf heb ik twee oudere zussen, mijn ex-vrouw komt uit een gezin met vijf kinderen. Ik had altijd het gevoel dat ik vier kinderen wou. Na twee kinderen kwam er een moment van twijfel: kunnen we onze aandacht en onze mogelijkheden ook in drie of vier delen? Toen we merkten dat we daarin overeen kwamen, was dat vierde kind eigenlijk een evidentie. En daarna was het ook heel duidelijk: nu zijn we er. Het is af.’

Hoe groeide je naar het ouderschap? Praatte je daar vaak over met je toenmalige vrouw?

Wim: ‘Ik woonde tijdelijk bij mijn zieke moeder toen het nieuws kwam dat mijn toenmalige vrouw zwanger was van ons eerste kind. Emotioneel en praktisch was ik vooral met mijn moeder bezig, die ook in deze periode overleed. Dat maakt dat we daar op voorhand niet zoveel over gesproken hebben. Toen dat eerste kind geboren werd, werd ik wel overweldigd door grote gevoelens.’

Spreek je dan over vaderinstinct? Dat is een woord dat, in tegenstelling tot moederinstinct, niet in Van Dale staat. Hoe heb jij dat ervaren? 

Wim: ‘Het grote verschil is toch dat vrouwen van bij het begin hun kind voelen groeien in hun buik. Als vader had ik vooral het gevoel: ik sta erbij en ik kijk ernaar. Tot het moment dat die baby geboren wordt en de verpleegster je een verfrommeld wezentje in je armen duwt. De kwetsbaarheid van dat kleine mensje zorgde voor een enorm beschermende reflex. Tegelijk maakt die grote verantwoordelijkheid jezelf ook erg kwetsbaar. Is dat het vaderinstinct? Goh, ik weet het niet. Het was er in één klap, dat wel. Ik denk dat het ook afhangt van je eigen karakter en hoe je in het leven staat. Niet elke vader zal dat van in het begin zo aanvoelen.’

Soms denk ik, waarom heeft niemand mij gezegd dat ik hiermee zou bezig zijn als ouder?

Ouder-zijn, dat is telkens weer verwachtingen bijstellen en je koers bepalen. Wat betekent dat voor jou?

Wim: ‘Ik wil mijn kinderen helemaal laten worden wie zij zijn. Niet eenvoudig, want je zou vaak willen dat ze net iets meer zijn of doen wat jij denkt. Alles wat ik doe of zeg, heeft invloed op wie of wat ze worden. Toch probeer ik veel ruimte te laten voor hun eigen zijn. Eén van mijn zonen doet ballet, vraagt prinsessenkleren voor zijn verjaardag en wordt ook vaak als meisje aanzien, met zijn lange witte krullen. Ik voel me niet minder man omdat mijn zoon een roze jurk draagt. Wat de buitenwereld denkt over mijn kinderen kan me zeer weinig schelen, zolang zij er geen last van hebben.
Dat is een groeiend inzicht. Alles is immers nieuw als je ouder wordt. Je weet dat er slechte nachten en kinderziektes aankomen. Maar even vaak denk ik, waarom heeft niemand mij ooit gezegd dat ik daarmee zou bezig zijn. Zoals het gedoe met sociale media, of de puberkuren van mijn oudste kinderen. Op voorhand besef je nog geen fractie van wat ouderschap betekent, niet over de positieve ervaringen en evenmin over de moeilijke dingen waar je tegenaan loopt.’

Dat brengt ons bij termen als ploeterouder, die steeds meer de kop opsteken.

Wim: ‘Ouder zijn vraagt ook veel energie. Soms ben ik doodop na een week met de kinderen, ondanks alle leuke momenten samen. Zelfzorg is voorwaarde nummer één om een goede ouder te kunnen zijn. En dat is dan het grote voordeel van een scheiding (lacht): de week-om-weekregeling geeft je ruimte in de kinderloze week om meer je eigen ding te doen. In die week gaat er veel meer tijd naar mijn werk en naar afspraken met vrienden. In de week met de kinderen maak ik geen afspraken op woensdagnamiddag en zorg ik dat ik de kinderen ofwel zelf naar school kan brengen, ofwel zelf kan ophalen.

De relatie met mijn ex is onder meer afgesprongen omdat ik vond dat ik te weinig ruimte kreeg om papa te mogen zijn. Onze combinatie in het ouder-zijn werkte niet. Ik was een andere papa op dat moment, en na de scheiding vond ik het heel logisch om de tijd met de kinderen eerlijk onder elkaar te verdelen. Er is veel overleg, er zijn ook ergernissen en frustraties, maar we aanvaarden ook dat we elk een eigen stijl hebben.

Zelf heb ik een afwezige vader gehad. Hij was de enige verdiener, dus op dat vlak deed hij veel voor het gezin. Maar hij was er vaak niet. Dat wil ik echt anders doen: ik wil vaker fysiek aanwezig zijn, maar vooral ook tijd maken om te praten en te luisteren. En mijn kinderen ruimte geven om te experimenteren. Als ouder wil ik hen vanuit een heel stevig vasthouden, kunnen en durven loslaten. Zodat ze weten: thuis is mijn veilige haven, waar ik steeds kan naar terugkeren. Na de scheiding hebben ze nu zelfs twee havens. Voor de scheiding was ik bio-boer en dat slorpte al mijn tijd op. De kinderen gaven me daarover signalen. Zo herinner ik me dat ik tien dagen vakantie gepland had in augustus, en dat ik die eerste vakantiedag mijn laptop dicht klapte en zei tegen de kinderen: ik ga mee buiten spelen. De verwondering in hun ogen, gaat papa nu echt met ons spelen, was de trigger om het werk te veranderen.

Ik wil dat de kinderen weten: thuis is mijn veilige haven.

Je wil ruimte en tijd maken om met je kinderen te praten. Komen ze bij jou met al hun vragen en verhalen?

Wim: ‘We hebben een duidelijke afspraak: ze mogen alles vragen, en dan zijn er twee antwoorden: ofwel de waarheid, ofwel daar heb je geen zaken mee. Kinderen moeten ook niet alles over jou weten. Zo zijn er rond de scheiding zaken die te gevoelig of ingewikkeld zijn om met hen te delen. 
Ik stel vaak heel bewust de vraag ‘hoe is ‘t?’. En ook al betekent dat plannen en schema’s herschikken, we maken tijd om samen te eten. Dan hebben we tijd om honderduit te praten, vaak over de dagelijkse dingen, soms over zwaardere onderwerpen. Ik wijs hen ook terecht als iemand zaken in het belachelijke probeert te trekken tijdens een serieus gesprek. En als er eentje komt helpen in de keuken, is het vaak een ideaal moment om over delicatere onderwerpen te praten.’

Praat je met je dochters even makkelijk over de eerste menstruatie, de eerste verliefdheid?

Wim: ‘Ik heb wel aan mijn ex gevraagd om het eerste maandverband te kopen. Gewoon omdat ik daar niks van wist. Maar over seks praten we op een heel gewone natuurlijke manier. Ik weet ook wel dat ze me binnenkort niet alles meer zullen vertellen, maar dat hoeft ook niet.’

Je bouwt aan de band met je kinderen. En dan gaan ze puberen. Hoeveel invloed heeft dat?

Wim: ‘Voor pubers is hun papa niet meer de absolute nummer 1. Dat is ok, dat heb ik vroeger ook gedaan: een beetje afstand nemen van je ouders. De puberteit is een ander soort loslaten. Het is wennen dat je niet altijd zicht hebt op wie de nieuwe invloed wordt. Je kan alleen maar hopen dat ze niet met foute vrienden in zee gaan. Het kwam al voor dat ik een bepaalde vriend echt niet zie zitten. Dat heb ik ook in alle openheid met mijn zoon besproken: daarom en daarom vind ik dat geen fijne gast. Zonder hem de omgang met die jongen te verbieden, dat werkt averechts.’

Je wil je kinderen eigen keuzes laten maken, maar hoever gaat dat dan?

Wim: ‘Ik probeer mijn kinderen bewust zacht te maken, begripvol en meelevend zijn. Want ik vind dat heel mooie eigenschappen. In iedere mens zit goed en kwaad. Het kwade komt venijniger binnen, terwijl je meer moeite moet doen om het goede te zien. Dat wil ik mijn kinderen meegeven. Dat is helemaal anders dan opvoeden vanuit angst en wantrouwen. Maar ze groeien wel op in een keiharde wereld. Dus ook assertiviteit en je grenzen kunnen aangeven, is noodzakelijk. Het is zoeken naar de balans. Ik geloof niet zo in grote idealen en principes, want het leven haalt die toch vaak onderuit. Ik neem het leven zoals het komt. Ik voed op vanuit mijn eigen motto: voeten op de grond en kop in de wolken. Droom maar, maar met zin voor realiteit.

Het is best een moeilijke vraag, hoeveel ruimte geef je je kinderen. Uiteindelijk modder je maar wat aan, weliswaar met de beste bedoelingen, gebaseerd op je eigen opvoeding, karakter en ervaringen. Over tien, twintig jaar zullen mijn kinderen over sommige zaken in de opvoeding wellicht zeggen: ‘hoe kon je toen dit of dat doen’. Dat is onvermijdelijk denk ik. En natuurlijk is ruimte geven niet hetzelfde als hen alles zelf laten beslissen. Wanneer en hoe lang ze mogen uitgaan, wanneer ze een smartphone krijgen: daarin verschillen we duidelijk van mening (lacht). Ik praat daar wel met hen over: daarom ben ik bezorgd, daarom laat ik je dit nog niet toe. Dan nog zijn ze soms gefrustreerd, maar ze weten dan wel waarom ik een beslissing neem.’

Wat doe je op momenten dat je denkt, nu weet ik het even niet?

Wim: ‘Ofwel doorgaan als een stormram, ofwel even halt houden. De boel even bewust de boel laten, en gaan wandelen met de hond. Ik ben een heel tijdje thuis geweest na een crash. Nu ik terug aan het werk ben, vind ik het veel makkelijker om even op de rem te gaan staan. Ik ben een grote fan van dutjes en mijn kinderen weten dat, dan moeten ze me even met rust laten. Behalve als het huis in brand staat of als ze drie gebroken benen hebben.’

Even niet moeten, dat is tof.

Praat je met anderen over ouder-zijn en opvoeden? 

Wim: ‘Ik schrijf heel veel dingen van mij af op mijn blog. De reacties, zowel bijval als tegenwind, zijn zo’n beetje mijn netwerk en laten mij nadenken over wat ik doe.
Met andere vaders praten over kinderen is helemaal anders dan met moeders. Het gaat niet over minder betrokkenheid, er is wel een andere band. Die hangt niet alleen af van het man-vrouw zijn maar heel sterk van de ingesleten maatschappelijke patronen. Een kind dat valt, roept om zijn moeder. Ik ben niet zeker of dat een natuurlijke reflex is, of iets dat er heel vroeg insluipt door hoe we ons gedragen als mannen en vrouwen. Maar het heeft wel invloed op de rolverdeling die je als ouders aanneemt. 
Misschien staan we nu te vaak stil bij opvoeden. Vroeger waren ouders daar volgens mij veel minder bewust mee bezig. De druk is ook groter: je hebt veel meer keuzes maar als je met je kop tegen de muur loopt, heb je niet genoeg je best gedaan. Daar probeer ik me boven te zetten. Keuzes maken is belangrijk: ik wil minstens één avond per week geen taxi willen spelen en gewoon een avond thuis zijn zonder extra planning. Even niet moeten, dat is tof.

Als je nu terug kijkt, zijn er dan dingen die je anders zou gedaan hebben, of waar je net heel trots op bent? Welke gouden tip zou je andere ouders geven?

Wim: ‘Ik vat het samen als loslaten vanuit een heel goed vasthouden. Zorg voor een veilige stevige haven, waar ze naartoe kunnen als ze in een storm terecht komen. Dat kan ook na een scheiding. Dan kunnen ze gewoon twee veilige havens hebben. 

We hoeven ook niet mee te gaan in de ratrace naar steeds meer. Ik heb liever iets meer tijd dan iets meer inkomen. Dat is het doel dat ik heel goed voor ogen hou. En dat geef ik mee aan mijn kinderen: ambitie hebben en je dromen nastreven is ok, maar het hoeft niet ten koste te gaan van anderen. Durf ook je eigen weg te volgen, je buikgevoel is daarin vaak een goede raadgever. Heb maar vertrouwen in jezelf, dat je weet wat je moet doen. 

Ik voed mijn kinderen op te midden van de maatschappij. Ik vertel verhalen over vluchtelingen en hoe ze hier terecht komen. En toen ze merkkleren wilden, heb ik daar met hen over gepraat: hoe worden die kleren gemaakt? Want de wereld is niet roze, er is wel degelijk een zwart randje aan. 

Het hoort er ook bij dat je eens een offday hebt of een foute beslissing neemt. Daar leer je van. Klaar. Je mag dat ook gerust toegeven aan je kinderen. ‘Dat had ik beter niet gedaan. Maar we leven nog.’ Het is ook helemaal ok als je af en toe kwaad bent. Tonen dat het gedrag van je kinderen soms irritatie veroorzaakt, is perfect ok.’ 

Mijn gouden tip voor andere ouders? Durf loslaten, vanuit een heel goed vasthouden.

Moet je sorry zeggen als je boos bent geweest?

Wim: ‘Niet voor de boosheid. Dat is een even echte en terechte emotie als blij zijn of bang zijn. Als je gedrag erover ging op bepaalde punten, dan moet je je wel verontschuldigen voor wat je gedaan hebt. De gouden regel ‘als ouder moet je altijd rustig blijven’ is onmogelijk. Als ik thuiskom na een drukke dag en ik struikel over een paar schoenen, dan barst ik uit. Voor een schoen ja. En denk ik achteraf, waarom toch? Maar dat is ok. De ene dag is de andere niet.’

Hoe zorg je voor jezelf?

Wim: ‘Ik droomde ervan om samen met mijn kinderen de wereld te ontdekken. Helaas is dat financieel niet mogelijk als alleenstaande papa met vier kinderen. Af en toe ga ik alleen op reis. Soms morren de kinderen: ‘Zeg, jij wel en wij mogen weer niet mee’. Dan antwoord ik dat ik hen met veel plezier zal uitzwaaien als ze 18 zijn en met hun eerste zelf verdiende geld eropuit trekken. Die druk heb ik voor mezelf wat weggenomen. Je moet jezelf ook voeden, op een andere manier dan via je kinderen. Je bent niet alleen ouder.
We zeggen veel te weinig tegen elkaar, maar ook tegen onszelf: chapeau, dat heb je goed gedaan vandaag. Opstaan, de kinderen naar school brengen, brandjes blussen, helpen met huiswerk, koken, taxi spelen, naar hun verhalen luisteren, discussiëren, in bad en bed, het is vaak een huzarenstukje. Daar mag je als ouder trots op zijn.’ 

Volg Wim op zijn blog 'Vader van vier' of neem een kijkje op www.buitendenker.be

Ondersteuning in je buurt

Zoek je steun bij het opvoeden? Het Huis van het Kind helpt je op weg.

Vind het Huis van het Kind in je buurt.

Stel je vraag

Een vraag over opvoeden?  De Opvoedingslijn geeft een antwoord op maat.

Stel je vraag via het contactformulier.

Download pdf